Overbevolking of toch bevolkingsgroei? Een fel en kort debat met Jelle Reumer

Date: 19 november 2020

Het debatje was kort en krachtig: op 14 november ging ik in het Radio2-programma ‘Spijkers met Koppen’ in discussie met bioloog en paleontoloog Prof. dr Jelle Reumer. Reumer vindt ‘overbevolking’ een enorm probleem voor het overleven van de aarde, en ik vind ‘bevolkingsgroei’ een zegen voor de mensen die op deze aarde wonen. Het debat duurde acht (!) minuten en het ging razendsnel allemaal. Bekijk het hier. En nu twijfel ik of ik mijn argumenten niet té snel en te abstract formuleerde. Hieronder zet ik mijn ideeën nog eens op een rijtje.

Reumer publiceerde een essay met de titel ‘Teveel. Overbevolking, biodiversiteit, stadsvossen en de pandemie.’ Daarin noemde hij de aarde ‘ziek’. ‘Onze planeet heeft een nare huidaandoening. Het aardoppervlak is overwoekerd met mensen. In hun kielzog is er een teveel aan landbouwhuisdieren, worden CO2 en methaan in de atmosfeer gepompt, zeeën overbevist en natuurlijke habitats vernietigd. De biodiversiteit verdwijnt in rap tempo. Grote delen van de aarde worden onleefbaar (…) Wie de ui afpelt, komt tot de kern: de menselijke overbevolking. Het is de olifant in de kamer en bovendien een taboe.

Ik heb een probleem met Reumers visie. En dat begint al met zijn taal. ‘Mensen zijn een huidaandoening’, we zijn een ‘invasieve exoot’, ‘we vernielen de wereld, zoals muskusratten de Krimpenerwaard vernielen’. Ik vind dat we zo niet over mensen moeten praten. Wij, mensen zijn geen ziekte of ratten. Eerder en vergelijkbaar taalgebruik, onder meer door de Club van Rome in de jaren ’70, ‘de aarde heeft kanker en die kanker is de mens’ leidde bijvoorbeeld in China tot de eenkind-politiek en had zo’n 360 miljoen gedwongen abortussen tot gevolg. Wanneer je dergelijke beschrijvingen toepast op specifieke bevolkingsgroepen, leidt dat al snel tot ongeremd geweld, zoals de nazi’s in de jaren ’40 en de Rwandese Hutu in de jaren ’90 lieten zien.

Reumer start zijn essay met de huidige coronapandemie, die hij ook aan de bevolkingsgroei wijt. Ik stel daar tegenover dat de mensheid altijd al door epidemieën en pandemieën werd getroffen. Sla de bijbel maar open, de ene plaag is nog niet voorbij en de volgende pestilentie staat alweer op de stoep. Bovendien wordt de huidige coronapandemie een heel stuk beter bestreden dan pandemieën uit de tijd dat we nog met weinigen waren.
In Europa stierf tijdens de 14e eeuwse Pest bijna 1 op de 2 West-Europeanen. In 1920 stierf door de Spaanse Griep 1 op de 13 West-Europeanen. In deze coronapandemie overlijdt 1 op de 1600 West-Europeanen.
Ik weet dat je deze pandemieën niet een op een met elkaar kunt vergelijken, maar het gaat me op de koppeling van bevolkingsgroei aan corona en ik durf de stelling best aan dat dit verband op zijn best aanvechtbaar is.

Bioloog en paleontoloog Jelle Reumer

Reumer hamert erop dat de bevolkingsgroei alsmaar harder gaat: van 1 miljard in 1880 tot 7,8 miljard vandaag. Je zou denken dat het zo ook door blijft gaan en we op termijn met honderd miljard mensen rondlopen. Dat gaat echter niet gebeuren. Zelfs de 10 miljard zullen we niet gaan halen.
In vrijwel alle landen ter wereld daalt het aantal kinderen per vrouw en in de meeste landen gaat het snel. Dat gebeurt al sinds 1968. In dat jaar groeide de wereldbevolking nog met 2,1 procent, vandaag is het 1,1 procent. Tegen het einde van deze eeuw zakken we onder de 0 en zal de wereldbevolking gaan krimpen.
Daarbij doet het er niet toe of invloedrijke geestelijke leiders als de paus of ayatollahs tegenstribbelen. Zo kende het zwaar islamitische Iran sinds 1984 de snelste daling van het aantal kinderen per vrouw ooit, van gemiddeld 6 naar minder dan 3 kinderen.
En de belangrijkste oorzaak van dat dalende geboortecijfer is overal dezelfde. Ouders die ooit vijf of zes kinderen kregen en hoopten dat er 2 over zouden bleven die later voor hen zouden zorgen, zien nu dat alle kinderen overleven. Daarom nemen er in steeds meer landen nog maar één, twee of drie. Want meer hebben ze er immers niet nodig.

Reumer stelt dat het gesprek over bevolkingsgroei een taboe is. Dat klopt niet. Niet alleen Reumer krijgt overweldigende aandacht voor zijn essay, eerder kregen dat ook de filmmakers David Attenborough (die met zijn documentaire ‘A life on our planet’ pleit voor minder mensen) en onderzeefilmer Jacques Cousteau, (die suggereerde dat we per jaar 350.000 mensen zouden moeten laten sterven). De lijst is lang: apenkenner Jane Goodall, stereconoom Jeffrey Sachs, de Dalai Lama, Martin Luther King, Machiavelli, Confucius, Plato… allen vonden dat we met teveel waren. Dan Brown schreef er Inferno over, Jonathan Franzen Vrijheid. …
2500 jaar geleden vonden Plato en Aristoteles bevolkingsgroei al een enorm probleem en toen waren we nog maar 100 miljoen mensen.
In de tweede eeuw publiceerde de kerkvader Tertullianus het volgende: ‘De wereldbevolking groeit en krioelt. Onze aantallen zijn een last voor de aarde, die nog maar amper voldoende voorraden heeft om ons in leven te houden. We horen van alle kanten dat de natuur niet meer in staat is om in onze behoeften te voorzien. Het is nodig om de bevolking te beperken.’ ‘De verwaarlozing van dit onderwerp (overbevolking), dat in bestaande staten zo vaak voorkomt, is een nooit falende oorzaak van armoede onder de burgers; en armoede is de ouder van revolutie en misdaad.’ Aldus Tertullianus. En toen waren we met 200 miljoen mensen.

Mijn belangrijkste kritiek is deze: Reumer heeft geen oog voor de vooruitgang die werd geboekt toen de mensheid begon te groeien. Hij ziet alleen de nadelen voor de natuur en het milieu. En hij is blind voor het feit dat we in diezelfde periode ook onvoorstelbare zaken voor elkaar krijgen: met zijn allen werden we gezonder, rijker, veiliger en gelukkiger. Mijn stelling is dat al die vooruitgang niet ondanks maar dankzij de snelle bevolkingsgroei werd geboekt.
Ik neemt als ijkpunt het jaar waarin Jelle Reumer geboren werd. Dat was in 1953. Toen telde de aarde 2,6 miljard mensen, nu zijn het 7,8 miljard. In die 67 jaar kwamen er dus meer dan 5 miljard bij. Dat is een verdrievoudiging. Maar….
In 1953 leefde 70 procent van alle mensen in extreme armoede, nu is het nog 9 procent. En die armoede is niet alleen in percentages enorm gedaald, extreme armoede is ook in echte aantallen gehalveerd
In 1953 was de levensverwachting Nederland 72 jaar, nu is hij 82 jaar: we kregen er zo maar 10 jaar bij. In het arme Afrika ging het nog sneller. Van 38 jaar in ’53 naar 63 vandaag. Afrikanen kregen 25 jaar bij
In 1953 kreeg de gemiddelde vrouw, wereldwijd, nog 5 kinderen, vandaag zijn dat er 2,3. In Europa daalden we van 2,6 naar 1,6 kinderen. Maar ook in Afrika dalen die aantallen: in 1953 kregen vrouwen nog meer dan 7 kinderen. Nu zijn het er 4,3. En de aantallen dalen verder.
Ik denk dat de stelling verdedigbaar is dat die vooruitgang niet plaats vond ondanks maar dankzij de bevolkingsgroei. Voor wie hier meer over wil lezen: koop onze laatste boeken: Ecomodernisme: het nieuwe denken over groen en groei (Marco Visscher, Ralf Bodelier en anderen, 2017) en Meer
Hoe overvloed de wereld juist duurzamer en welvarender maakt
(Hidde Boersma, Ralf Bodelier, Maarten Boudry en anderen, 2020)

Als laatste: Reumer stelt als remedie het volgende voor: ‘pensioenen voor iedereen, het beter toegankelijk maken van voorbehoedsmiddelen voor vrouwen en meisjes, en meer en beter onderwijs voor iedereen. Dit ondersteun ik volledig. En dat doe ik niet zozeer omdat we daarmee de bevolkingsgroei af kunnen remmen. Ik ondersteun deze maatregelen om mannen en vrouwen die het op dit moment in zorgelijke omstandigheden verkeren aan meer zelfstandigheid, welvaart en geluk te helpen.
Op deze drie terreinen wórdt overigens al forse vooruitgang geboekt:
* Pensioenen voor iedereen is een heel goed idee: wie op een pensioen kan rekenen, hoeft niet zo nodig veel kinderen te nemen. Die gedachte leidt ertoe dat ook arme Afrikaanse landen oudedagsvoorzieningen beginnen te introduceren: Botswana, Mauritius, Ghana en Zuid-Afrika. Desalniettemin is op dit terrein nog heel veel te halen en te winnen.
* Wereldwijd gebruikt inmiddels de helft van alle vrouwen in vruchtbare leeftijd voorbehoedsmiddelen. In het liberale en rijke Nederland is het 70 procent, maar ook in het moslimse en straatarme Bangladesh gebruikt al 55 procent van alle vrouwen een voorbehoedsmiddel. Afrika bungelt met nog maar 27 procent achteraan. Maar in in 1990 was het daar nog maar tien procent. Dus ook hier stijgt het aantal vrouwen dat zelf uitmaakt of en wanneer het kinderen wil.
* De stijging van het aantal meisjes en vrouwen in het middelbaar onderwijs is bijzonder bemoedigend Wereldwijd gaat nu 75 procent van alle meisjes naar de middelbare school. Jongens liggen nog maar amper voor, 76 procent van alle jongens zit op de middelbare school.
Wereldwijd is de deelname van vrouwen aan het hoger onderwijs ronduit spectaculair. In 1970 genoot nog maar 8 procent van alle vrouwen hoger onderwijs, 2019 was dat 41 procent. In datzelfde 1970 genoot 11 procent van de mannen hoger onderwijs, nu is dat percentage lager dan dat van vrouwen: 36 procent. Wereldwijd zitten vandaag meer vrouwen op de universiteit dan mannen.

Samengevat: Reumer vindt me volledig aan zijn kant in zijn pleidooi voor pensioenen voor iedereen, meer toegang tot voorbehoedsmiddelen en beter en meer onderwijs. Ik onderschrijf bovendien dat de snelle bevolkingsgroei van de afgelopen eeuw de belasting van natuur en milieu heeft opgevoerd. Maar ik benadruk dat die belasting een veel betere wereld voor de mens heeft opgeleverd. En ik heb goede redenen om aan te nemen dat meer en vooral meer welvarende mensen in staat zullen zijn om de schade die we aanrichtten aan de natuur weer te herstellen.

Leave a Reply

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

single.php